tuincolumn

Op het Landje van De Boer mag de winter echt winter zijn. Kaal en kleurloos. De natuur trekt zich terug. Onzichtbaar maakt ze zich op voor een nieuw seizoen. We proberen in dit ritme mee te gaan en ons in de winter te wijden aan evaluatie en bezinning.

Maar het valt niet mee om de drang te beteugelen om ook in de winter iets te willen ontworstelen aan de aarde. Zo besloten we op een dag witlof te telen, een winterteelt bij uitstek. Een gespecialiseerde ook, die geduld vereist en een smalle bandbreedte van succes kent, zo waarschuwt elk moestuinhandboek. Maar daardoor lieten we ons niet uit het veld slaan. De grootste horde leek een bleekpot die je ervoor nodig hebt, maar die had het Landje toevallig. Dus wij ruimden een bed in voor witlof. Dat betekent dat er een heel seizoen lang grote, onooglijke planten met oneetbare, bittere bladeren in je tuin staan. Als je die rooit, tegen november, heb je nog steeds niets eetbaars. Je knipt al het loof van de wortels dat regelrecht naar de composthoop kan. Maar zo somber keken we er op dat moment niet tegenaan. Wij dachten: ‘Ha, witlofpennen!’ Want zo heten de gerooide wortels waar een witlofstronkje uit moet gaan groeien. Geheel volgens het boekje groeven we die pennen in, dicht tegen elkaar, in een cirkel waar de bleekpot precies overheen paste. En vervolgens vergaten we de witlof totaal. Het was immers winter…

Tegen de tijd dat we in het vroege voorjaar weer naar de bleekpot omkeken, had zich daarbinnen een wonder voltrokken. Daar groeiden prille stronkjes! Prachtig wit, zo groot als flinke eieren, op een kluitje bij elkaar. Twee weken later hebben we ze geoogst en wat waren ze lekker!

Natuurlijk diende de vraag zich aan of het de moeite waard was: een seizoen lang een heel bed bezet houden voor de winterse witlofsensatie. Het antwoord was eerst: ‘Ja!’ Maar een jaar later werd ons geduld niet beloond met een vertederend nest witlof. Toen we de bleekpot optilden, troffen we een kluit snotterige, stinkende stronken aan waar allemaal beestjes doorheen kropen die je heel graag in je composthoop ziet, maar niet in je witlof. Dus exit witlofteelt. De bleekpot zetten we tegen februari over de zeekool. Onze drang om ’s winter tere blaadjes te telen stillen we tegenwoordig met kiemgroenten. Die vergen geen jaar geduld met twijfelachtige uitkomst. Binnen tien dagen gegarandeerd oogstklaar!

Meer columns van Elbrich:
Tuincolumn 1: Reis door het Landje
Tuincolumn 2: Verlangen naar tuinboontoppen
Tuincolumn 3: Kruid met kleutervet
Tuincolumn 4: Veel als strategie
Tuincolumn 5: Kooksessies op het Landje
Tuincolumn 6: Winterklaar
Tuincolumn 7: Principiële pitjes