kruid

Elbrich Fennema is één van drie initiatiefnemers van het Landje van De Boer in Overveen. Zeven jaar geleden een wildernis, inmiddels uitgegroeid tot een klein paradijs. Met een boomgaard, moestuin, bloemenborders en een kas. Vanaf nu elke maand in Home&Garden: Elbrich over haar belevenissen op het Landje.

Er hangt een exotische zweem om koriander. Misschien omdat we het kruid vooral kennen uit de Aziatische keuken. Misschien omdat aan de achterkant van zo’n plastic supermarktverpakking met vijf steeltjes ‘Herkomst: Egypte’ staat. Wellicht verklaart dat waarom veel mensen denken dat het niet in onze contreien thuishoort en hier lastig is te telen. Gelukkig is dat een misverstand: koriander gedijt uitstekend onder Hollandse omstandigheden! Het is hartstikke winterhard, heel levenslustig, je kunt het jaarrond zaaien en het groeit uit tot een leuke, witte schermbloem die ook in de siertuin haar partijtje mee kan blazen. Je hoeft dus helemaal niet van de smaak te houden om het toch in je tuin te willen.

Koriander zoals we het kennen van de kruidenafdeling – steeltjes van tien centimeter met brede blaadjes die op platte peterselie lijken – is eigenlijk het peuterstadium van de plant. Het grappige is dat niemand koriander herkent als het dit stadium is gepasseerd. Als je het laat doorschieten, krijg je ook de andere, aantrekkelijke stadia te zien.

Lees ook: Tuincolumn: Verlangen naar tuinboontoppen

Om te beginnen groeit koriander uit tot een stevig, kniehoog kind dat het kleutervet (de brede blaadjes) achter zich laat en geveerd blad ontwikkelt. Als ontluikende puber klapt ze haar schermbloemen open: kwetsbaar, frêle en wit. In de fase van volle wasdom vormen die witte schermen zaadjes. Die zijn eerst frisgroen en verkleuren in de loop van het seizoen tot het vertrouwde grijs. Je kunt bejaarde koriander laten staan tot in de herfst en winter om haar silhouet.

Koriander is niet alleen in elk stadium van haar leven aantrekkelijk om te zien; ze is ook in alle stadia heerlijk om op te eten! Het geveerde blad, de bloemknoppen, verse zaadjes, rijpe zaden: alles heeft die typisch kruidige smaak. Het klinkt als een dilemma: in welk stadium zullen we koriander oogsten? En zullen we haar plukken voor de soep of voor een boeket? Dat valt in de praktijk nogal mee, want koriander is een gulle plant, die zich bovendien zelf weer uitzaait.

Met een beetje geluk komen in februari en maart de eerste moedige koriander-peuters al weer tevoorschijn. En als je ze hun gang laat gaan, staan half mei de koriander-pubers schuchter-koket te dansen in hun petticoats. Mocht je twijfelen of je met koriander van doen hebt of met een onbekend onkruid, dan hoef je maar even over het blad te wrijven en aan je vingers te ruiken voor het antwoord.