tuincolumn

Op het Landje van De Boer telen we in de kas behalve tomaten en pepers ook komkommers. Tomaten en pepers zijn dankbaar spul. Er zijn eindeloos veel variëteiten van, die er allemaal prachtig uitzien en geweldig smaken. Met een zelf geteelde tomaat maak je echt een culinaire kwantumsprong.

Maar komkommer, daaraan is niet zo veel eer te behalen. Ja, je hebt wel een paar lollige soorten die er grappig uitzien, zoals de Sikkimkomkommer of de citroenkomkommer. Maar zelfs die smaken vooral naar komkommer. Wij proeven het verschil niet tussen Sikkim, Marketmore en Bullet of Sonja, allemaal komkommers die we hebben geprobeerd. Cru gezegd: voor de smaaksensatie hoef je het niet te doen. Sterker nog: met een zelf geteelde komkommer loop je het risico van zaadlijsten en pitjes. Commerciële komkommers worden namelijk zaadloos geteeld.

Toch hebben wij iets tegen pitloze komkommers. Niet omdat we zo graag komkommerpitjes tussen onze tanden vandaan flossen. Maar omdat we vinden dat pitloos spul indruist tegen de natuur in het algemeen, en tegen onze tuindersnatuur in het bijzonder.

Het is een groot wonder dat je het seizoen begint met een piepklein zaadje, dat daar vervolgens een prachtige plant uitgroeit, dat je zijn blaadjes/vruchten/bloemen kunt opeten en dat je dan toch aan het eind van het seizoen een veelvoud van het zaad hebt waarmee je aan het begin van het seizoen begon! Neem een courgette. Je zaait acht zaadjes, er komen er vier op, die geven een vracht courgettes waar de hele straat van kan mee-eten, en als je één courgette bewaart voor het zaad, dan heb je gerust meer dan de acht zaadjes waar je mee begon. Hetzelfde geldt voor koriander. Laat vijf planten in het zaad schieten en je hebt genoeg zaad voor zowel je Ottolenghi-recepten als om volgend seizoen te zaaien. Dat zijn rendementen van honderden procenten! Voor zo’n wonderbaarlijke vermenigvuldiging kun je alleen maar oneindig dankbaar zijn. Die stroom van overvloed wil je niet onderbreken vanwege een pitje tussen je tanden…

Het is op een of andere manier een heel bevredigende winterklus om zaadjes te verzamelen voor het nieuwe seizoen. Of het nu de kleine geurige zaadjes zijn van de zwarte komijn, de droogbonen, de tomaten, de pepers, of de korianderzaadjes. We hoeven maar één komkommer rijp te laten worden om voorzien te zijn van zaad voor het volgende seizoen. Sonja geeft dat in overvloed. Daarom houden we van Sonja. Om haar gulle natuur.

Elbrich Fennema is een van drie initiatiefnemers van het Landje van De Boer in Overveen. Zeven jaar geleden een wildernis, inmiddels uitgegroeid tot een klein paradijs. Met een boomgaard, moestuin, bloemenborders en een kas.

Meer columns van Elbrich:

Tuincolumn 1: Reis door het Landje
Tuincolumn 2: Verlangen naar tuinboontoppen
Tuincolumn 3: Kruid met kleutervet
Tuincolumn 4: Veel als strategie
Tuincolumn 5: Kooksessies op het Landje
Tuincolumn 6: Winterklaar