Het plantengeslacht Tillandsia van de Bromeliafamilie telt meer dan 500 soorten. Onze Linnaeus raakte erg onder indruk van deze zwevers. De naam is vernoemd naar de Zweedse botanicus Elias Fillands (1640-1693). Zo ging dat in die tijd. Men geeft een naam naar een botanicus of een god.

Ik ben een tuinontwerper en geen trendwatcher, maar deze planten gaan zeker een mooie toekomst tegemoet. Ik hoop alleen dat we nu niet opeens alle regenwouden gaan plunderen. De Nederlandse tuinkunst gaat erg snel. En vooral de handel erin.

Oorspronkelijk leven ze in Mexico tot aan het zuiden van de Verenigde Staten. Daar zijn nu nog de kwekerijen. Het zal me niet verbazen als ze in de toekomst ook worden opgekweekt in de kassen van Nederland.

Zij zoekt scharrelend haar voedsel en heeft maar weinig verzorging nodig. In holtes van takken vindt zij een echt thuis. Door middel van licht kunnen zij water en voeding omzetten in o.a. glucose waarvan de plantjes goed kunnen groeien. De meeste Tillandsia’s rusten soms op bomen of rotsen in de vrije natuur. Je kunt je dus voorstellen dat ze wel houden van een beetje frisse lucht.

Je ziet weinig wortels. Het zijn meer slierten. “Ook weer zo’n typische plantenbenaming”. Ze nemen geen voedsel op met de wortels. Hij gebruikt deze om zich vast te klampen aan planten. Ze vinden regen smaakvoller dan drinkwater. Leidingwater bevat te veel kalk, waardoor de haartjes op de bladeren dicht kunnen gaan zitten. Er is zelfs een speciaal mengsel van vloeibare mest. Wat ik wel erg tuttig vind, is een glazen stulp. Ik wil planten voelen. Ze zijn ideaal voor de badkamer. Je kunt ze ophangen aan visdraad of raffia. Of gewoon ergens neerleggen.

Het zijn ook geen parasieten maar epifyten. Je zou bijna geloven dat deze planten hersenen hebben. Ze zoeken hun eigen wereld. Dat maakt dat deze plant een groot mysterie is onder alle andere planten.