Een heksennest wordt maretak ofwel mistletoe ook wel genoemd: na jaren van groei op zijn ‘gastboom’ is hij een grote warrige bol geworden, die zeer tot de verbeelding spreekt. Lees hier meer over dit raadselachtige groen:

Kleverig besje

Biologie maretak

Viscum album is de officiële naam van de maretak: het betekent wit en kleverig, dat verwijst naar de melkwitte bessen die zijn gevuld zijn met lijmachtig vruchtvlees. Die kleverigheid komt goed van pas bij het kweken van de maretak. Hierbij wordt een pitje uit de bes in een spleetje van de schors gesmeerd: het begin van een nieuwe maretakbos. Want mistletoe is een half-parasiet. De plant heeft een gastboom nodig voor de voedingstoffen die hij zelf niet kan maken. Fruitkwekers weten inmiddels hoe zij op appelbomen maretak kunnen kweken, vandaar dat er elk jaar grote bossen mistletoe vers bij bloemist te koop zijn.

Verstopt in de kleverige witte bessen zit een zaadje: vogels verspreiden het als ze hun plakkerige snavel aan de takken afvegen.

De magische kracht van maretak

• Kussen onder de mistletoe? Maretak is van oudsher een symbool van vruchtbaarheid. Sterker nog: een aftreksel van het blad zou lustopwekkend werken. Geen wonder dat er juist onder deze takken spontaan gekust mag worden. Hang een bosje op in de deuropening. De traditie schrijft voor om na elke kus één besje weg te halen.

Maretak lantaarn
• Sfeervol, zo’n lantaarn. Je kan deze versieren met maretakjes. Twee vliegen in één klap, want volgens oude volksverhalen zou mistletoe ook boze geesten verjagen. In een boeket gaat mistletoe mooi samen met het blauwgrijze blad van eucalyptus. Een bosje maretakken aan de voordeur of het tuinhek is een warm welkom voor gasten.

• Toverdrank? Wie de strips van Asterix en Obelix heeft gelezen, weet hoe oude druïden bij de zonnewende een maretak oogstten met een gouden sikkel en die gebruikten voor hun toverdrank. Maar of het waar is? Zeker is dat de witte besjes licht giftig zijn, dus het is af te raden om ze te eten.

Losse takken zijn de bestellen bij: maretakkenboerderij.nl

Tekst: Marie Tromp